Archive

Albumrecensie: The Rides (Stills, Shepherd, Goldberg) – Can’t Get Enough (2013)

Met het onlangs 45 jaar oud geworden project Super Session in het achterhoofd zochten Stephen Stills en Barry Goldberg, die ook op die legendarische plaat speelden, weer de studio op. Ditmaal vergezeld door de veel jongere bluesvirtuoos Kenny Wayne Shepherd namen zij nieuw eigen materiaal en covers van blues- en rockklassiekers op voor Can’t Get Enough, het debuutalbum van deze nieuwe bluesformatie. Weet The Rides, zoals het trio zich noemt, de magie van Super Session opnieuw op te roepen?

Voor wie niet bekend is met de plaat Super Session even wat achtergrondinformatie: nadat multi-instrumentalist en producer Al Kooper in 1968 uit Blood, Sweat & Tears stapte, besloot hij gitaaricoon Mike Bloomfield – met wie hij al op Bob Dylans legendarische lp Highway 61 Revisited speelde – te benaderen om samen een plaat te maken. Dat leverde een vijftal fantastische blues-, rock- en soultracks op, maar halverwege de sessies moest Bloomfield afhaken vanwege een chronische slapeloosheid. Stephen Stills, die net gestopt was met de band Buffalo Springfield, nam de gitaarpartijen van hem over voor de vier nummers op de tweede plaatkant. Super Session bleek in Amerika een groot succes.

Sindsdien heeft Stills natuurlijk flink naam gemaakt bij Crosby, Stills, Nash (& Young), terwijl hij ook een respectabel oeuvre als soloartiest opbouwde. Zo verscheen in 2005 nog het alleraardigste Man Alive!, waarop de rockveteraan zich flink uitleefde in diverse genres, waaronder folk en blues. De door hem met een inmiddels behoorlijk versleten stem gezongen nummers op Can’t Get Enough zouden overigens niet hebben misstaan op die eerdere plaat.

De zang van Stills klinkt in deze opnames aanzienlijk beter dan tijdens recente concerten van Crosby, Stills & Nash. In openingstrack Roadhouse gromt en brult hij zich overtuigend door de naar eigen zeggen deels autobiografische tekst, terwijl het spelplezier van zijn onvolprezen gitaarsolo’s afdruipt. Het melodieuze en oprechte Don’t Want Lies laat duidelijk horen dat de tweemaal in de Rock & Roll Hall Of Fame ingehuldigde zanger/gitarist worstelt met de hoge noten, maar in een bluesballad als deze heeft dat juist zijn charme.

Een cover van Rockin’ In The Free World – uiteraard oorspronkelijk van Stills’ oude vriend en rivaal Neil Young – pakt verrassend goed uit, maar onderstreept ook nogmaals dat niemand deze rockstamper zo goed uitvoert als de Canadese meester zelf. Waar het trio wel iets wezenlijks aan toevoegt is het oorspronkelijk akoestische protestnummer Word Game, dat Stills eerder opnam voor zijn tweede solo-lp Stephen Stills 2 (1971). In deze stevige rockuitvoering – gebaseerd op een outtake van zijn oude band Manassas, te vinden op de archiefrelease Pieces (2009) – wordt het beste van de drie grote talenten naar boven gehaald. Inclusief het vlotte pianospel van Barry Goldberg. De tekst van het lied is bovendien nog steeds relevant, al heeft Stills een en ander aangepast. Zo verving hij de regel “American propaganda, South African lies” door: “All this propaganda and all of these lies”.

Vier van de tien tracks op Can’t Get Enough zijn gezongen door het 36-jarige gitaarwonder Kenny Wayne Shepherd, die vanaf de jaren negentig indruk maakte met uitstekende platen als Trouble Is… (1997). Zijn heldere vocalen vormen een prettig contrast met het doorleefde stemgeluid van Stills. Tijdens de solo’s overklast Shepherd daarnaast regelmatig zijn oudere bandmaat. Toch zijn de covers van Honey Bee en That’s A Pretty Good Love net wat minder spannend dan het door Stills gedragen materiaal. Een uitzondering hierop is de versie van The Stooges’ Search And Destroy, ook gezongen door Shepherd. En dan te bedenken dat Stills juist dit lied aanvankelijk niet wilde opnemen!

Can’t Get Enough is een gevarieerde en grotendeels voorbeeldige bluesrockplaat, vooral de moeite waard dankzij het gitaarvuurwerk tussen Stills en Shepherd. Het trio borduurt dapper voort op wat Bloomfield, Kooper en Stills 45 jaar geleden presteerden, hoewel deze nieuwe ‘Super Session’ het origineel niet bepaald benadert. Maar ja, welke van de vele door die plaat beïnvloedde sessies doet dat wel?

U kunt meer van het nieuws op de bron lezen

Read More

Never Say Die! Tour 2017 in Patronaat

Never Say Die! Tour 2017 in Patronaat

Op een donkere en regenachtige donderdagavond in Haarlem dondert en bliksemt het alleen binnen. Never Say Die! Tour van Impericon speelt vandaag namelijk in Patronaat. Om 17:45 uur speelt de eerste band en vanaf dat moment stopt de muziek niet tot een uur of 23:00.

Lorna Shore mag Never Say Die! Tour in Patronaat aftrappen. De Amerikanen zetten een strakke set neer, maar de opvulling van een basgitaar wordt een beetje gemist. Tevens is het nog te vroeg om het publiek echt mee te krijgen. Het mag de pret niet drukken, want de band heeft het duidelijk naar zijn zin in Haarlem. De groep laat een goede indruk achter, want de naam Lorna Shore is nog de hele avond in de zaal te horen in plaats van het gebruikelijke “Slayer“. Het lukt Polaris beter om het publiek mee te krijgen. De energie van frontman Jamie Hails helpt hier erg bij. Hier en daar wordt er al wat gesprongen. Ook de Australiërs spelen strak, maar hadden misschien beter kunnen beginnen voor Lorna Shore. Het geluid van de metalcoregroep is namelijk een stuk softer dan de voorgaande band. De groep klinkt als een soort nieuwe Northlane en zet een goede show neer.

Nu mag Kublai Khan zijn opwachting maken. Er wordt begonnen met een shoutout naar iedereen die voor zijn of haar idealen opkomt. Dit soort inspirerende speeches worden tijdens de hele set verkondigd. De band speelt hard en klinkt heel agressief. Dit is het eerste moment op de avond dat er veel beweging in de pit te zien is. De mannen spelen een handvol tracks van hun nieuwe album, waarvan vooral “B.C.” memorabel is. De toespraak over religie die voorgaat aan het nummer helpt daar erg bij. Sworn In lijkt niet zijn beste avond te hebben. De drums klinken rommelig op bepaalde momenten. Het hoogtepunt van de set komt wanneer vocalist Tyler Dennen wanhopig in elkaar lijkt te zakken op het podium en al liggend de vocalen doet. Dit gebeurt tijdens afsluiter “Snake Eyes“, een nummer dat goed aanslaat bij de toeschouwers. Een sterk einde dus.

Dan is het tijd voor Chelsea Grin om het podium te betreden. De band heeft duidelijk veel plezier tijdens het optreden. Vooral het enthousiasme van drummer Pablo Viveros valt op. Het is knap om te zien hoe hij tijdens het drummen ook nog voor de backingvocals zorgt. Daarnaast is Alex Koehler ook goed bij stem, hij klinkt alsof hij bezeten is door de duivel zelf. De groep uit Salt Lake City speelt een ongelofelijk strakke show. Er valt instrumentaal niets op aan te merken, daarnaast lijkt het publiek het naar zijn zin te hebben. Ook is het duidelijk dat dit het moment is dat de echt grote bands aantreden, want voller wordt de zaal vanaf dit moment niet meer.

Om de goede moed er in te houden is Deez Nuts aanwezig. De Australiërs staan altijd garant voor een feestje met hun rappe muziek en jolige teksten. De circlepits worden aangezwengeld en we horen opzwepende gangvocals, al lijkt bassist Sean Kennedy zijn stem een beetje kwijt te zijn. Desondanks schreeuwt hij nog steeds mee, hoe hardcore wil je het hebben? Deez Nuts speelt een mashup van oudere klassiekers met onder andere “I Hustle Everyday“, zodat hij meer tijd heeft om tracks van de meest recente plaat, “Binge & Purgatory“, te spelen. De nummers van deze plaat zorgen voor wat afwisseling van het enigszins eentonige geluid van de groep.

Emmure mag de avond afsluiten. Het in dit jaar uitgekomen album “Look At Yourself” was goed. Dat blijkt nog maar eens door de goede ontvangst van de maar liefst zes tracks die hij van deze plaat speelt. Vooral opener “You Asked For It” dient zijn doel perfect. Daarnaast zorgen tracks als “Solar Flare Homicide” en “4 Poisons 3 Words” er voor dat het publiek geen seconde stil blijft staan. Een beest van een show dus. Al is het einde van de set wat jammer. Wanneer een fan het podium opklimt en de microfoon uit de handen van Frankie Palmeri rukt, loopt Palmeri hoofdschuddend weg. Een toegift zit er dus niet meer in. Een einde wat niet bij deze avond vol geweldige shows past.

U kunt meer van het nieuws op de bron lezen

Read More

Bryan Adams brengt nieuw studio-album ‘Get Up’ uit

Bryan-Adams-Get-UpBryan Adams zal dit najaar een nieuw studio-album uitbrengen. Het album, getiteld ‘Get Up’, is geproduceerd door ELO-frontman Jeff Lynne en mede-geschreven door zijn vaste muzikale partner Jim Vallance. De eerste single ‘Brand New Day’ verschijnt 6 september. Het nieuwe materiaal bevat onder andere fast & furious up-tempo nummers als ‘Brand New Day’ (tevens de eerste single-release van het album), ‘You Belong To Me’ en ‘Thunderbolt’, evenals meer delicate tracks, zoals ‘Don’t Even Try’ en ‘We Did It All’, plus de door Adams zelf geproduceerde alternatieve akoestische versies, die de unieke stem van de multi-platina artiest benadrukken.

“Het is allemaal heel organisch ontstaan”, herinnert Adams zich. “Liedje voor liedje, samenwerkend met Jeff wanneer hij maar tijd had de afgelopen paar jaar. Het gaf me alle tijd de nummers te schrijven, meestal in partnerschap met Jim Vallance. We werkten voornamelijk via het internet vanuit Canada, Europa en LA, demo’s en stukken van nummers heen en weer sturend.”

“Ik ben altijd een groot fan geweest van Bryan”, vertelt Jeff Lynne, die eerder samenwerkte met grootheden als The Beatles, Paul McCartney, Randy Newman en Tom Petty. “Bryan stuurde me een demo via het net, ik speelde de meeste instrumenten in om de backing track af te maken en stuurde het dan terug naar Engeland. Vervolgens zong hij de lead vocal in en kreeg ik de track weer terug in Californië, 8600 kilometer verder!”

Bryan Adams: “Het album heeft iets zorgeloos en in meerdere opzichten is dit het album waarvan ik wenste dat ik het 15 jaar geleden al had kunnen maken.”

De albumtrack ‘You Belong To Me’ is nu al beschikbaar als download als het album vooruitbesteld wordt via de digitale kanalen. De lead track ‘Brand New Day’ is te downloaden vanaf 7 september en de derde download, ‘Don’t Even Try’, zal ook al beschikbaar zijn voordat het album uitkomt in oktober. Bij ‘You Belong To Me’ zal daarnaast een performance clip uitkomen. De officiële video bij ‘Brand New Day’ is geregisseerd door Adams zelf, met actrice Helena Bonham Carter en Hurts-zanger Theo Hutchcraft in de hoofdrollen.

Bryan Adams is de succesvolste solo-rockartiest van Canada. Zijn grootste hits scoorde hij met ‘Summer of ‘69’, ‘(Everything I do) I Do It For You’, ‘Please Forgive Me’ en ‘Have You Ever Really Loved A Woman’. Zijn album ‘So Far So Good’ stond 5 weken op nummer 1 in de Album Top 100 en werd dubbel platina. Daarnaast is hij een gerenommeerd fotograaf, die publiceerde in onder andere L’uomo, Vogue en Harper’s Bazaar. In december 2014 stond Adams in de Amsterdamse Ziggo Dome ter ere van het 30-jarig jubileum van zijn album ‘Reckless’.

De 13 nummers tellende release – negen nieuwe songs en vier akoestische versies – komt uit op vrijdag 16 oktober.

U kunt meer van het nieuws op de bron lezen

Read More

Vandaag in 1962: de betreurde Metallica-bassist Cliff Burton wordt geboren

De Amerikaanse bassist Clifford Lee Burton werd geboren op 10 februari 1962 en voegde zich twintig jaar later bij een toen nog onbekende band: Metallica.

Toen Burton in 1982 als bassist van de band Trauma optrad in Los Angeles werd hij opgemerkt door James Hetfield en Lars Ulrich, die hem graag in Metallica wilden hebben.  Toen hij in eerste instantie het aanbod afsloeg omdat hij niet wilde verhuizen, besloot de band zich in een stadje bij San Francisco te vestigen, zodat Burton in zijn vertrouwde omgeving kon blijven.

Het gaf duidelijk aan hoe graag Hetfield en Ulrich hem in de band wilden hebben, en die wens bleek niet onterecht. Nog geen jaar later zou hij op het debuutalbum Kill ‘Em All met het solostuk (Anesthesia) Pulling Teeth bewijzen wat hij allemaal in zijn mars had. Zijn melodische maar strakke stijl (waarbij hij regelmatig zijn basgitaar als solo-instrument hanteerde) bleef vervolgens een duidelijke stempel drukken op het Metallica-geluid, zoals te horen is op de albums Ride The Lightning en het overbekende Master Of Puppets.

Op 27 september 1986 sloeg het noodlot toe. Na een optreden in Stockholm raakte de tourbus van Metallica in een slip en sloeg om. Burton werd door een raam geslingerd en kwam onder het voertuig terecht. Hij overleed ter plekke, op 24-jarige leeftijd.

U kunt meer van het nieuws op de bron lezen

Read More

In memoriam: Peter Banks (1947-2013), eerste gitarist en medeoprichter van Yes

Peter Banks maakte voor de grote doorbraak deel uit van Yes, maar de gitarist liet wel een behoorlijke indruk achter op de eerste twee albums van de band. Banks overleed afgelopen donderdag op 65-jarige leeftijd aan hartfalen.

Banks speelt vanaf halverwege de jaren zestig in de psychedelische rockband The Syn, samen met de latere Yes-bassist Chris Squire. De formatie brengt in 1967 twee weinig succesvolle singles uit, Created By Clive en Flowerman, allebei aardige songs die kenmerkend zijn voor die periode. The Syn staat dat jaar ook in het voorprogramma van The Jimi Hendrix Experience.

Na het uiteenvallen van die band zijn Banks en Squire in 1968 medeoprichters van Mabel Greer’s Toyshop, dat later omgedoopt wordt tot Yes. Als die legendarische naam eenmaal is aangenomen, bestaat de band naast Squire en Banks uit zanger Jon Anderson, drummer Bill Bruford en toetsenist Tony Kaye.

In juli 1969 verschijnt het eerste album, simpelweg Yes getiteld. Deze plaat is een mengeling van eigen composities – zoals Andersons prachtige Survival – en covers van onder meer The Beatles en The Byrds. Het album is een commerciële flop, ook al is bij vlagen al het magnifieke van het latere Yes te horen.

Nog voordat de tweede lp Time And A Word verschijnt, is Banks al ontslagen uit de band. Anderson wil een orkest gebruiken voor de opnames van het album (bijvoorbeeld in de radicale bewerking van Richie Havens’ No Opportunity Necessary, No Experienced Needed), maar Banks is het daar niet mee eens. De onenigheid tussen de bandleden leidt tot het vertrek van de gitarist. Zijn vervanger is de virtuoos Steve Howe.

Op Time And A Word is echter het werk van Banks nog te horen, met schitterend spel in met name het bijna zeven minuten durende The Prophet. Opnieuw is de lp niet zo’n groot succes als de doorbraakplaat die Yes een jaar later uitbrengt zonder Banks: The Yes Album.

Terwijl Yes uitgroeit tot een succesvolle act heeft Banks een nieuwe progband opgericht: Flash, waarmee hij drie albums uitbrengt: Flash (1972), In The Can (1972) en Out Of Our Hands (1973). Ook de door Rick Wakeman vervangen Yes-toetsenist Tony Kaye verleent zijn medewerking aan het eerste album van deze in eerste instantie redelijk succesvolle formatie. In 1973 valt Flash uit elkaar en neemt Banks een door veel progliefhebbers geliefd soloalbum op: Two Sides Of Tony Banks (1973), waarop beroemde gastartiesten als John Wetton (Asia, King Crimson), Phil Collins, Steve Hackett en Jan Akkerman te horen zijn.

Vanaf de jaren tachtig wordt het stil rondom Banks, hoewel hij nog wel enkele soloalbums uitbrengt en zijn autobiografie Beyond & Before schrijft. Op 7 maart 2013 overlijdt hij aan hartfalen. Naar verluidt is hij dood gevonden nadat hij niet kwam opdagen voor opnames.

Zijn oude band Yes reageert in een statement: “We zijn erg verdrietig te moeten vernemen dat onze bandmaat en Yes-oprichter Peter Banks is overleden. Hij bepaalde voor een groot deel wat Yes maakte tot wat het is, en onze gedachten, condoleances en gebeden zijn bij hem en zijn familie. Peter, we zullen je enorm missen.”

Ook Jon Anderson, tegenwoordig geen zanger van Yes meer, reageert op Banks’ overlijden: “Ik was vorige maand nog oude BBC-opnames aan het kijken, en we spraken over die geweldige tijd. Peter was een unieke gitarist en een zachtaardige ziel. Ik zal hem missen. Gelukkig heb ik hem het afgelopen jaar kunnen spreken. Ook al was hij erg ziek, hij praatte veel over muziek en we lachten over de reis die we allemaal hebben afgelegd. Hij zal gemist worden.”

U kunt meer van het nieuws op de bron lezen

Read More

Albumrecensie: Gov’t Mule – Shout! (2013)

Gov’t Mule staat vooral bekend als een sensationele liveact, maar ook een nieuwe studioplaat van de jamband is iets om naar uit te kijken. Dat geldt zeker voor Shout!, waarop niet alleen enkele grote namen worden geëerd door ‘The Mule’, maar ook een aantal beroemde gastzangers te horen is.

Hoort een band die halverwege de jaren negentig ontstond wel thuis op een site als ClassicRockMag? In het geval van Gov’t Mule natuurlijk wel, want deze jamband startte in 1994 als een zijproject van gitarist/zanger Warren Haynes en bassist Allen Woody, toen bekend van The Allman Brothers Band. Aangevuld met drummer Matt Abts groeide Gov’t Mule echter uit tot een volwaardige band, vooral gerespecteerd vanwege de epische marathonshows. Bewijs van deze podiumkunsten staat in het bijzonder op de live-dubbelaars Live… With A Little Help From Our Friends en The Deepest End.

Vooral buiten de studio knalt Gov’t Mule dus, maar het gaat te ver om te stellen dat de reguliere platen van het trio verbleken bij de live-releases. Hoewel de songs op onder meer het titelloze debuutalbum uit 1995 en opvolger Dose (1998) iets minder ‘ademen’, verdienen ook deze platen het om gehoord te worden. Zelfs na de plotselinge dood van Allen Woody in 2000 bleven Haynes en de zijnen vrij constant. Luister bijvoorbeeld naar het monsterproject The Deep End, waarop een groot aantal topbassisten even de plek van Woody innam.

Voor het eerste studioalbum sinds By A Thread (2009) pakt Gov’t Mule – inmiddels met Jorgen Carlsson op bas – flink uit met twee discs: één met de reguliere versies van de elf nieuwe songs en één waarop de band deze nummers uitvoert met een indrukwekkende lijst met gastmuzikanten. Onder anderen Elvis Costello, Dr. John, Steve Winwood, Myles Kennedy en Glenn Hughes lenen hun veelgeprezen talenten aan de veelzijdige plaat. Hoewel Warren Haynes deze songs zelf ook uitstekend kan dragen met zijn krachtige stemgeluid, vormt de tweede disc met alternatieve versies – misschien niet heel verrassend – de interessantere helft van Shout!

Grandioos is bijvoorbeeld de uitvoering van het funky Stoop So Low, volgens Haynes een ode aan Sly & The Family Stone, waarbij de direct herkenbare stem van Dr. John nog net iets beter past dan die van Haynes. Elders trekt rockveteraan Glenn Hughes (ex-Deep Purple, Black Country Communion) zijn strot op heerlijke wijze open in No Reward, schittert Ty Taylor van Vintage Trouble in een ode aan de onvolprezen band Free (Bring On The Music) en laat Myles Kennedy van o.a. Alter Bridge in Done Got Wise nog eens horen waarom hij een van de beste rockzangers van het moment is. Het warme stemgeluid van de legendarische Steve Winwood in When The World Gets Small sluit het ambitieuze project in stijl af.

Op Shout! staan ook tracks die juist net iets meer overtuigen zonder gastzanger. Grace Potter is als enige vrouw goed op dreef in ‘haar’ versie van Captured, maar op de eerste disc staat een grootse, nog net iets langere solo van Haynes. Ook Forsaken Savior, de ode van ‘The Mule’ aan de vorig jaar overleden Levon Helm van The Band (een vriend van Haynes) is hier net wat persoonlijker dan de bewerking met Dave Matthews als zanger. En in welke versie dan ook is openingstrack World Boss wat ons betreft nu al een Gov’t Mule-klassieker.

In juni dit jaar, toen Shout! nog lang niet uit was, vertelde Haynes me alvast dat fans zich konden verheugen op het meest diverse Gov’t Mule-album tot nu toe. Zoals nu blijkt, is daar niets van gelogen. De plaat is daarnaast ook een van de beste uit het oeuvre. We komen er nog op terug in ons jaarlijstje, maar nu bijna aan het einde van 2013 kunnen we al voorzichtig concluderen dat dit tiende Gov’t Mule-studioalbum – mede dankzij de sprankelende tweede disc – een van de beste rockreleases van het jaar is.

U kunt meer van het nieuws op de bron lezen

Read More

Concert Nickelback in Ziggo Dome afgelast

Het concert dat Nickelback op 10 november in de Ziggo Dome zou geven is helaas afgelast. Onlangs onderging zanger Chad Kroeger een operatie aan een cyste op zijn strottenhoofd, en hij dient op doktersvoorschrift zes tot negen maanden stemrust te houden om volledig te herstellen. Alle kaartkopers ontvangen binnenkort een e-mailbericht met meer details over het retourneren van kaarten, aldus MOJO.

In juni was Nickelback al genoodzaakt het tweede deel van hun Amerikaanse tour af te gelasten, toen de cyste werd gediagnosticeerd. Aanvankelijk was het plan om vanaf september het Europese deel van de tour gewoon voort te zetten, maar ondanks het goede resultaat van de operatie heeft Kroeger nog langere tijd nodig om volledig te herstellen.

U kunt meer van het nieuws op de bron lezen

Read More

45 jaar geleden: White Light/White Heat van The Velvet Underground uitgebracht

Precies 45 jaar geleden verscheen White Light/White Heat, het tweede album van The Velvet Underground

Het debuut van The Velvet Underground met zangeres Nico uit 1967 is een mijlpaal in de rockgeschiedenis en ontbreekt bijna in geen enkel lijstje van de beste albums ooit gemaakt. Nico’s spookachtige stemgeluid en John Cale’s experimentele instrumentatie maken kleine kunstwerken van de geniale songs van Lou Reed, waaronder I’ll Be Your Mirror, Heroin en I’m Waiting For The Man, zoals Svenskkasinon casino gokgids beweert.

Zo’n historisch eerste album kun je niet overtreffen. Wel zijn de drie volgende Velvet Underground-platen allemaal klassiekers geworden, waaronder de op 30 januari 1968 uitgebrachte tweede lp White Light/White Heat. Zonder Nico maar nog wel met John Cale in de band maakte The Velvet Underground een plaat die minstens zo experimenteel en – in tekstueel opzicht – gewaagd was als de voorganger.
Continue reading “45 jaar geleden: White Light/White Heat van The Velvet Underground uitgebracht” »

Read More

In memoriam: Iron Maiden ex-drummer Clive Burr (1957-2013)

De ex-drummer van Iron Maiden, Clive Burr, is op 12 maart overleden aan de gevolgen van multiple sclerose. Burr speelde mee op de eerste drie klassiekers Iron Maiden, Killers en The Number Of The Beast.

Clive Burr volgde in 1979 Doug Sampson op als drummer van Iron Maiden en bleef bij de band tot januari 1983. Hij is te horen op de eerste drie prachtplaten van de groep: Iron Maiden (1980), Killers (1981) en The Number Of The Beast (1982). Na het uitkomen van dat laatste album en de bijbehorende hitsong verliet hij het daaropvolgende jaar de band vanwege het tourschema en persoonlijke problemen. Hij werd vervangen door Nicko McBrain.

Naast zijn drumkunsten hielp Burr ook met het songschrijven, zo schreef hij mee aan Gangland op The Number Of The Beast en Total Eclipse, dat als b-kantje verscheen op de Run To The Hills-single.

Na het verlaten van Iron Maiden heeft Clive Burr nog met verschillende bands samen gespeeld en was hij onder meer te horen op een paar solo-albums van Paul Di’Anno (tevens ex-Iron Maiden).

Halverwege de jaren negentig werd de drummer gediagnostiseerd met multiple sclerosis. Iron Maiden hield, om hem te helpen met het betalen van de behandelingen, een aantal benefietconcerten. Tijdens een van die concerten kwam Clive Burr zelf het podium op in een rolstoel om zijn fans te bedanken voor de steun. In 2004 werd het goede doel Clive Aid in het leven geroepen om op die manier meer aandacht te vragen voor verschillende vormen van kanker en multiple sclerosis. Burr was aanwezig bij veel van de events die Clive Aid organiseerde.

Op 12 maart 2013 kwam het nieuws naar buiten dat Clive Burr in zijn slaap is overleden aan de gevolgen van MS. “We zijn erg verdrietig te moeten mededelen dat Clive Burr afgelopen nacht is overleden. Hij heeft lange tijd moeten kampen met slechte gezondheid sinds hij een paar jaar geleden is gediagnosticeerd met multiple sclerosis”, zegt het bericht op de website van Iron Maiden.

Bassist Steve Harris voegt daar aan toe: “Het is verschrikkelijk verdrietig nieuws. Clive was een erg goede vriend van ons allemaal. Hij was een geweldig persoon en een net zo goede drummer en heeft een bijzondere bijdrage aan Maiden geleverd.”

“Ik heb Clive voor het eerst ontmoet toen hij zijn toenmalige band Samson verliet en bij Iron Maiden kwam. Het was een goede vriend en iemand die alles uit het leven heeft gehaald, zelfs in de dagen dat hij last had van MS. Clive is nooit zijn gevoel voor humor verloren. Onze gedachten gaan uit naar zijn partner en familie”, aldus Iron Maiden-frontman Bruce Dickinson.

Clive Burr is 56 jaar geworden.

U kunt meer van het nieuws op de bron lezen

Read More

Albumrecensie: Roger Taylor – Fun On Earth (2013)

Alweer 15 jaar geleden is het dat Roger Taylor met Electric Fire zijn laatste soloplaat uitbracht. Aan een opvolger werd door de Queen-drummer sinds 2008 gewerkt en de verwachtingen zijn dan ook hooggespannen. Maar maakt Taylor die waar? Vanaf vandaag ligt Fun On Earth in de winkels.

De solocarrière van Roger Taylor is altijd een beetje ondergewaardeerd geweest, en dat terwijl de inmiddels 64-jarige muzikant zowel onder zijn eigen naam als met zijn hobbybandje The Cross een discografie heeft opgebouwd die uitgebreider, maar vooral ook kwalitatief consistenter is dan die van zijn Queen-maatjes.

Fun On Earth begint met One Night Stand, een lekker rockend nummer dat qua sound een beetje doet denken aan de omstreden single Nazis 1994 van het album Happiness? Oh, en vergeet voor het gemak maar even die ietwat pijnlijke songtekst (‘Boys and girls around the world (…) I want a one night stand’). Met I Am The Drummer (In A Rock N’ Roll Band) staat er nog een tweede uiterst vermakelijke rocker op het album.

De kracht van Fun On Earth zit hem echter in de ballads. Die zijn duidelijk in de meerderheid en weten lang niet allemaal te overtuigen, maar tracks als Fight Club (prachtig gezongen en met een glansrol voor de saxofoon), Be With You en de nieuwe single Sunny Day (lekker bluesy!) zijn de absolute hoogtepunten van de plaat en behoren tot het betere werk dat Taylor in zijn solocarrière heeft opgenomen. Echte dieptepunten kent het album niet, maar songs als I Don’t Care en Be My Gal kabbelen een beetje voort en missen zowel qua melodie als arrangement net even datgene om ze memorabel(er) te maken.

Waarom Taylor vijftien jaar na zijn laatste soloplaat niet met een album vol nieuw materiaal kan komen, is een beetje een raadsel. In plaats daarvan krijgen we op Fun On Earth ook een aantal songs voorgeschoteld die reeds bekend waren, zoals het in 2009 op single uitgebrachte The Unblinking Eye. Dit nummer past echter prima tussen de andere tracks. Opmerkelijker zijn de toevoegingen van Small en Say It’s Not True: deze door Taylor geschreven tracks stonden al eerder op het album van Queen + Paul Rodgers. Dankzij de superieure uitvoering van Say It’s Not True, dat door de stem van Taylor en het gitaarspel van Jeff Beck een totaal nieuwe draai krijgt, is deze vorm van recycling echter meteen weer vergeven.

Naast Jeff Beck zijn er nog meer gastmuzikanten te vinden op Fun On Earth. Zo speelt Spike Edney (de jarenlange livetoetsenist van Queen) op een aantal nummers mee en is ook Taylors zoon Rufus van de partij als drummer op Say It’s Not True. Het grootste gedeelte van de instrumenten is echter door Roger Taylor zelf ingespeeld, net als op Fun In Space (1981) en Strange Frontier (1984). Voor de nummers One Night Stand, Up en het Beatle-esque Smile had de muzikant zelfs helemaal geen versterking nodig.

Vandaag verschijnt ook boxset The Lot, waarin alle albums van Taylor (ook met The Cross) zijn opgenomen. Fun On Earth is daarin ook aanwezig en bevat in die versie nog twee extra songs: Whole House Rockin’ (een sterke soloversie van de Queen + Paul Rodgers-track Cosmos Rockin’) en een ‘nude mix’ van het oorspronkelijk van Happiness? afkomstige Dear Mr. Murdoch, dat in 2011 opnieuw werd opgenomen naar aanleiding van het afluisterschandaal van de Britse tabloid News Of The World.

Roger Taylor zet met Fun On Earth een over de hele linie genomen erg sterke plaat neer, die de vergelijking met zijn eerdere solowerk moeiteloos doorstaat. En die bovendien beter is dan The Cosmos Rocks van Queen + Paul Rodgers!

U kunt meer van het nieuws op de bron lezen

Read More